Oosthuizerweg 26
 

kavel
KK74
verpondingsnummer
nvt
bouwjaar
1910
wijk
nvt
OAT nummer
B392
eerste boerderij
1910
Een project van Katja Bossaers
Beemster                  Boerderijen
De Kleine Kavel 74 was gelegen aan weerszijde van de Oosthuizerweg en behoorde tot begin 19e eeuw bij boerderij Tijdverblijf. In 1821 werd de aan de noordzijde van de Oosthuizerweg gelegen helft van de kavel door de eigenaar Jacob Schoof verkocht aan Jacob Jonker. Er stond een huis op de kavel nabij de Middenweg achter het schooltje van Noordbeemster.
Foto Boerderijenbeeldbank
De minuutplan uit 1813 (Noord-Hollands Archief)
Klaas van Twisk (1813-1879) kwam uit Jisp. Hij trouwde in 1842 met Marijtje Mesman uit de Beemster. Hun twee oudste zoons werden daar geboren. In 1845 verhuisde het gezin naar Schermerhorn waar nog een jonggestorven zoontje en drie dochters werden geboren. Ruim 20 jaar later keerde Klaas met zijn twee jongste dochters terug naar de Beemster en ging aan de Jisperweg wonen. Bij de verdeling van zijn nalatenschap kwam het stuk bouwland van 1,38 ha grenzend aan de Jispersloot in bezit van oudste dochter Grietje van Twisk.
Jacob Jonker (1771-1838) was geboren aan de Jisperweg als zoon van Jacob Jonker en Maartje Brasser. Hij was in 1796 getrouwd met Aafje Klomp († 1810). Van hun vijf kinderen werd slechts één dochter, Sijtje Jonker, volwassen. Samen met zijn tweede vrouw Jannetje Beets kreeg hij nog een dochter, Grietje. Jacob Jonker woonde aan de Middenweg en bezat ook een boerderij aan de Jisperweg. Na zijn dood werden zijn bezittingen verdeeld waarbij de weduwe Jannetje Beets het weiland met huis aan de Oosthuizerweg kreeg. Zij verkocht dit in 1842 aan Klaas van Twisk voor ƒ 3900.
Grietje van Twisk (1845-1927) was in 1866 getrouwd met Dirk Admiraal (1848-1872) uit Oterleek. Als weduwe met drie kinderen hertrouwde zij in 1873 met Klaas Kramer (1837-1907) uit Schermerhorn. Met hem kreeg ze nog zeven kinderen van wie er drie jong overleden. Klaas Kramer was koopman in Schermerhorn maar vestigde zich met vrouw en kinderen in 1881 als veehouder aan de Jisperweg. Ze vertrokken in 1894 maar keerde twee jaar later in de Beemster terug. Zijn beroep was toen weer koopman. Kort daarna woonden ze een jaartje in Apeldoorn, maar in mei 1897 werd Klaas wederom veehouder aan de Purmerenderweg om in 1906 definitief te vertrekken uit de Beemster. Hij overleed enkele maanden later in Ermelo.
In november 1909 kreeg de weduwe Kramer een vergunning voor de bouw van een woning met veestalling en hooiberging aan de Oosthuizerweg. Het werd een voorhuis met achtergelegen stolpschuur. Op 25 oktober 1927 werden in De Doele te Purmerend de landerijen van Grietje Kramer-van Twisk verkocht. Daaronder bestond zich een “Tuinderswoning met schuur, erf en twee perceelen tuingrond aan den Oosthuizerweg te Beemster, samen groot 2.88.00 H.A.” Koper was Ouwel de Goede voor ƒ 9723,75.
Arian de Goede (1906-1988) trouwde in 1934 met Trijntje Pereboom (1908-1971). Het huwelijk bleef kinderloos. Tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte hij gebruik van een ossenwagen, wat als goed voorbeeld de krant haalde. In 1959 verkocht hij de boerderij met schuren, boomgaard en 2,68 ha weiland aan de Vennootschap onder firma A. Groot. De vennoten waren Adriaan Joannes Groot en Cornelis Adrianus Groot. Beiden waren aardappelhandelaar. Ze kregen een bouwvergunning voor de verbouwing van de kippenschuur. Cornelis woonde enkele jaren aan de Oosthuizerweg, maar in 1963 werd de boerderij alweer verkocht aan Dirk Hendrik de Bruin, varkensmester te Amsterdam. Hij verhuisde naar de Oosthuizerweg en verkocht het huis in 1966 aan Philip Wegloop, garagehouder te Amsterdam. Een jaar later verkocht deze alleen het huis met erf aan de secretaresse Trijntje Davids en haar man Willem Rol. Ook zij woonden er slechts een jaar. In 1968 werd het huis gekocht door Alfonsus Wiro Maria Mul, elektrotechnicus te Purmerend. Hij verhuisde met zijn vrouw Geertruida Hendrika Maria Cloosterman naar de Oosthuizerweg. In 1980 kreeg hij een bouwvergunning voor de verbouwing van de woning en in 1988 voor de plaatsing van een windscherm.
Ouwel de Goede was in 1874 geboren in Schermerhorn maar vestigde zich na zijn huwelijk in 1905 met Guurtje Leguit (1879-1920) als warmoezenier aan de Purmerenderweg in de Beemster. Het paar kreeg drie kinderen. Ouwel de Goede kreeg in 1932 een bouwvergunning voor de plaatsing van drie kippenhokken. Enkele maanden later werden er nog vijf kippenschuren bijgebouwd. In 1935 verkocht hij het pluimveebedrijf aan zijn oudste zoon Arian en vertrok naar Oostgraftdijk.
Het voorhuis met achtergelegen stolpschuur (Google Earth)